EED
VAN DE

Mens ArtsOnderzoeker

De tien geboden van Mozes

Toen sprak God deze woorden:
Ik ben de HEER, uw God, die u uit Egypte, uit de slavernij, heeft bevrijd.

I
Vereer naast mij geen andere goden.
II
Maak geen godenbeelden, geen enkele afbeelding van iets dat in de hemel hier boven is of van iets beneden op de aarde of in het water onder de aarde. Kniel voor zulke beelden niet neer, vereer ze niet, want ik, de HEER, uw God, duld geen andere goden naast mij. Voor de schuld van de ouders laat ik de kinderen boeten, en ook het derde geslacht en het vierde, wanneer ze mij haten; maar als ze mij liefhebben en doen wat ik gebied, bewijs ik hun mijn liefde tot in het duizendste geslacht.
III
Misbruik de naam van de HEER, uw God, niet, want wie zijn naam misbruikt laat hij niet vrijuit gaan.
IV
Houd de sabbat in ere, het is een heilige dag. Zes dagen lang kunt u werken en al uw arbeid verrichten, maar de zevende dag is een rustdag, die gewijd is aan de HEER, uw God; dan mag u niet werken. Dat geldt voor u, voor uw zonen en dochters, voor uw slaven en slavinnen, voor uw vee, en ook voor vreemdelingen die bij u in de stad wonen. Want in zes dagen heeft de HEER de hemel en de aarde gemaakt, en de zee met alles wat er leeft, en op de zevende dag rustte hij. Daarom heeft de HEER de sabbat gezegend en heilig verklaard.
V
Toon eerbied voor uw vader en uw moeder. Dan wordt u gezegend met een lang leven in het land dat de HEER, uw God, u geven zal.
VI
Pleeg geen moord.
VII
Pleeg geen overspel.
VIII
Steel niet.
IX
Leg over een ander geen vals getuigenis af.
X
Zet uw zinnen niet op het huis van een ander, en evenmin op zijn vrouw, op zijn slaaf, zijn slavin, zijn rund of zijn ezel, of wat hem ook maar toebehoort.

De Eed van Hippocrates

Ik zweer bij de geneesheer Apollo en bij Asklepios en Hygieia en Panakeia en bij alle goden en godinnen, die ik tot getuigen maak, dat ik me naar vermogen eigen inzicht volledig zal houden aan deze eed en dit contract:

1a
Degene die mij dit vak onderwezen heeft, zal ik even hoog achten als mijn ouders en in mijn leven laten delen en ik zal hem met mijn eigen middelen terzijde staan, wanneer hij daar behoefte aan heeft; zijn zonen zal ik als gelijken van mijn broers beschouwen en dit vak zal ik hun onderwijzen, als zij het willen leren, zonder loon en contract; adviezen colleges en alle overige vormen van onderwijs zal ik geven aan mijn zonen en de zonen van mijn leermeester en aan de leerlingen die zich hebben ingeschreven en die zich overeenkomstig de medische wet aan de eed gebonden hebben, maar aan niemand anders.
2a
Naar vermogen en eigen inzicht zal ik leefregels opstellen ten bate van de zieken en ik zal hen vrijwaren van schade en onrecht.
3a
Nooit zal ik iemand een dodelijk middel verstrekken, wanneer mij dat gevraagd wordt, noch zal ik een advies in die richting geven; evenzo zal ik geen enkele vrouw een middel geven dat tot abortus leidt.
4a
Integer en vroom zal ik mijn leven leiden en mijn vak uitoefenen.
5a
Niet zal ik snijden zelfs niet in hen die aan stenen lijden, maar ik zal dit overlaten aan mensen die hierin gespecialiseerd zijn.
6a
Hoeveel huizen ik ook binnenga, ik zal ze betreden ten bate van de zieken zonder hun met opzet ook maar enig onrecht of enige schade te berokkenen en met name zal ik me onthouden van seksueel contact met vrouwen en mannen, vrije mensen zowel als slaven.
7a
Wat ik tijdens de behandeling of doorbuiten hoor of zie van het leven van de mensen, zal ik, voor zover het dingen betreft die nooit doorverteld mogen worden, verzwijgen in de mening dat over dergelijke dingen niet gesproken mag worden.

Moderne artseneed

Ik zweer/beloof dat ik de geneeskunst zo goed als ik kan zal uitoefenen ten dienste van mijn medemens.


1b
Ik zal zorgen voor zieken, gezondheid bevorderen en lijden verlichten.

2b
Ik stel het belang van de patiënt voorop en eerbiedig zijn opvattingen. Ik zal aan de patiënt geen schade doen.

3b
Ik luister en zal hem goed inlichten.

4b
Ik zal geheim houden wat mij is toevertrouwd.

5b
Ik zal de geneeskundige kennis van mijzelf en anderen bevorderen.

6b
Ik zal mijn beperkingen inzien, mij open en toetsbaar opstellen, en ik ken mijn verantwoordelijkheid voor de samenleving.

7b
Ik bevorder zo mogelijk de toegankelijkheid van de gezondheidszorg en de rechtvaardige verdeling van beschikbare voorzieningen.

8b
Ik maak geen misbruik van mijn medische kennis, ook niet onder druk.

9b
Ik zal zo het beroep van arts hooghouden.

Eed van de onderzoeker

Ik neem mij voor om me als wetenschappelijk onderzoeker te houden aan de volgende wilsbesluiten:

A
Ik zal zoeken naar de waarheid, de waarheid en nog eens naar de waarheid.
B
Ik houd me aan de vigerende regels over toetsing van experimenten.
C
Ik richt me op een vooraf geformuleerde vraagstelling, maar dat belemmert me niet om lateraal te denken. Toevalsbevindingen worden als zodanig vermeld en extra geverifieerd.
D
Ik zal geen gegevens verzinnen en ik zal geen gegevens naar believen veranderen.
E
Ik zal mijn best doen om de volledige onderzoekgegevens op een overzichtelijke wijze bekend te maken, ook als sommige resultaten niet welgevallig zijn.
F
Ik sta controle van mijn resultaten toe en ben ook bereid gegevens van anderen te controleren.
G
Ik zal mijn onderzoek niet laten beïnvloeden door commerciële belangen.
H
Ik zal niet plagiëren. Als ik gegevens of tekst van een ander gebruik, geef ik een bronreferentie.
I
Ik zal geen gegevens naar buiten brengen voor ik alles met mijn coauteurs gedeeld heb.
J
Ik waarborg de authenticiteit van elk manuscript.
K
Elke coauteur heeft een intellectuele bijdrage geleverd en is medeverantwoordelijk voor de inhoud. De laatste coauteur staat er mede voor garant dat de brongegevens kloppen.

Wanneer ik mij aan deze eed houd en hem niet schend, moge het mij dan vergund zijn van mijn leven en mijn vak te genieten, terwijl ik voor altijd bij alle mensen in aanzien sta; wanneer ik mij er niet aan houd en meineed pleeg, moge mij dan het tegendeel te beurt vallen.
Dat beloof ik.
of
Zo waarlijk helpe mij God almachtig
Dat is mijn wilsbesluit. Ik zal het met heel mijn verstand uitvoeren.
Hebreeuwse tekst > 1000 v.Chr. Exodus 20:1-17 © De Nieuwe Bijbelvertaling, Nederlands Bijbelgenootschap 2004, Haarlem
Griekse tekst > 400 v.Chr. © Vertaling door Irene von Oven en Ton Jansen, 1996
Nederlandse Artseneed, 2003
© Jacob Six, Maarten Jan Cramer en Jannes van Everdingen, Utrecht 2012


Reacties

8 aug 2012 11:53
Andrea Ruissen (a.ruissen@vumc.nl)

Het initiatief van de mensen achter de onderzoekerseed is prijzenswaardig te noemen en hun poging om tot een onderzoekerseed te komen is aardig. Toch is er ook kritiek mogelijk. Stelling A Het is maar de vraag wat "de waarheid" precies is. Al sinds de oude Grieken wordt daarover gebakkeleid en de boeken zijn nog zeker niet gesloten. Is de waarheid eigenlijk wel kenbaar voor de mens? Of kunnen we enkel trachten er zo dicht mogelijk tegen aan te schurken? Bestaan er meerdere waardheden naast elkaar (denk ook aan de deeltjes- en golftheorie van licht)? Kan de waarheid ook meerdere facetten kennen of meervoudig zijn? En is het niet interessant om ook onwaarheden te onderzoeken (lieggedrag, verborgen behoeftes van individueen, waanideeen van psychotische patienten en verschillende soms enorm uiteenlopende perspectieven van mensen op eenzelfde kwestie). Door te stellen dat gezocht moet worden naar "de waarheid, de waarheid en nog eens de waarheid" negeert men deze wetenschapsfilosofische kwesties en ondergraaft men daarmee de eigen stelling. Stelling B Er wordt gesuggereerd dat het uitvoeren van experimenten de meest gangbare vorm van onderzoek doen is. Daarmee worden de epidemiologie, de filosofie, de geesteswetenschappen en alle andere beschouwende vakken wel erg makkelijk buiten spel gezet. Stelling C Door uit te gaan van vooraf geformuleerde vraagstellingen, toevalsbevindingen en verificatie, gaat men blijkbaar uit van een Popperiaanse manier van wetenschap bedrijven. Op zich niks mis mee, maar er is meer te koop in wetenschapsland. Er zijn wetenschappelijke methoden, zoals kwalitatief onderzoek, die juist geen vooraf geformuleerde vraagstelling hanteren, maar bijvoorbeeld een emergent design kennen. Deze methodieken hebben ook bestaansrecht, en dat wordt in deze eed niet erkend. Slot Door in de afsluiting termen te gebruiken als 'wilsbesluit' en 'heel mijn verstand' gaat men voorbij aan de (wetenschappelijke) discussie over het al dan niet bestaan van de vrije wil. Neurowetenschappers zullen zoiets als de mogelijkheid van een wilsbesluit ter discussie stellen. Ook de term 'heel mijn verstand' roept vragen op: zou men ook iets kunnen doen met 'half het verstand', en als dat kan, doen wij dat dan allemaal niet altijd (wie denkt er tijdens een werkdag nou niet af en toe ook even aan de boodschappen van het avondeten, of dat telefoontje aan een vriend dat steeds vergeten wordt)? En is het eigenlijk niet wenselijk, misschien zelfs noodzakelijk, om ook in de wetenschap het gevoel te laten spreken? Wil men daadwerkelijk interesse hebben, blij worden van een bepaald onderwerp, passie ervaren voor een project en voeling hebben met een onderzoekspopulatie, dan mag er naast dat verstand misschien ook plaats zijn voor emotie.

23 apr 2012 11:52
Hugo Tielen (info@samayo.nl)

Vandaag de lancering van eedvandeonderzoeker.nl!



Reageer

Naam

Email

Reactie



Design en realisatie | Samayo Webservice